Ballast
Gij zijt een ballasttank, mijn menselijke zwemblaas.
Soms houd ge mijn hoofd nog net boven water,
maar meestal doet ge niks meer dan mijn voeten op uw grond houden,
dan mijn zolen naar uw bodem zuigen.
Lang genoeg om mij minstens drie keer te verdrinken.
Ge laat pas los als het weer vloed is,
als ik er zeker niet voor de vierde keer zal geraken.
Gij zijt een ballasttank,
soms mijn verdwaalde reddingsboei,
Maar het liefst van al: mijn ondergang.
