Maan, maar met een ‘c’
Je bent verhuist
je bent vergaan
Naar men zegt
hier ver vandaan
Altijd samen
wij getwee
Maar waar jij ging
kon ik niet mee
Ik schreef een brief
maar ik vergat
Welk postnummer
de hemel had
(toch wees gerust
ik breng hem jou
de dag
dat ik er op mee hou)
In memoriam: Luca, veel te kort mijn vrolijk nichtje…
Er hoort een soort van verhaal bij, een uitleg eerder.
Nu iets langer dan 2 jaar geleden stierf een nichtje van mij. 4 jaar toen, en voor altijd slechts enkele maanden ouder dan mijn kleine broer. Hersentumor, ik ging zo weinig mogelijk naar het ziekenhuis, en al helemaal niet groeten eens het zelfs daar gedaan was. Ik ben daar blij om, want ik heb zo alleen vrolijke beelden van mijn vrolijk nichtje.
Maar misschien is het ook daarom dat ik nu pas haar sterven proef en slecht verteer. Een beetje ziek, maar het gaat wel over…
Wat weet een kind, 4 jaar, van doodgaan, en wat weet een kind, nu 6, van sterven op haar vierde?

Jammer hoe pareltjes verdwijnen,
soms in oesters, andere keren in archieven.
Ik acht de laatste zin een pareltje.
Als ‘t mag.
“Wat weet een kind, 4 jaar, van doodgaan, en wat weet een kind, nu 6, van sterven op haar vierde? “
Het mag, graag zelfs.
Al is het net de oester die de parel maakt. En verdwijnt er niets, integendeel.
Maar de parel wordt zelden gevonden, bedoelde ik.
Ik heb hem hier toch gevonden.
Erg mooi… Ik weet hoe het is, al ging ik wel groeten, als het in het ziekenhuis gedaan was. Het leek alsof hij sliep, en daar nam ik vrede mee – met die idee. Het is een erg mooi stukje. En Luca is een erg mooie naam.